Wie door de winkelstraten van Hilversum, Bussum of Laren loopt, ziet nog altijd volle etalages en bekende namen. Toch merken veel ondernemers dat het koopgedrag van inwoners verandert. Steeds vaker wordt er online besteld, en niet alleen bij Nederlandse webshops.

Die verschuiving is niet uniek voor het Gooi, maar raakt de regio wel degelijk. Het gaat om miljoenen euro’s die niet via lokale winkels of Nederlandse platforms lopen, maar rechtstreeks naar buitenlandse aanbieders verdwijnen. Wat betekent dat voor de lokale economie en gemeentelijke inkomsten?

Groei van buitenlandse online bestedingen

De groei van grensoverschrijdend online winkelen is breed zichtbaar.

Niet alleen fysieke producten worden over de grens afgenomen. Ook digitale diensten, van streaming tot software en online entertainment, worden steeds vaker bij buitenlandse aanbieders gekocht. In dat kader zoeken sommige consumenten bewust naar informatie over verschillen in regelgeving, bijvoorbeeld wanneer zij internationale kansspelregels vergeleken willen zien bij het kiezen van een online casino buiten Nederland.

Deze ontwikkeling maakt duidelijk dat de concurrentie voor lokale ondernemers niet langer uit de buurgemeente komt, maar uit de hele wereld. Met een paar klikken verdwijnt het geld uit de regio.

55% van de Nederlandse consumenten deed in 2024 minstens één aankoop bij een buitenlandse webshop, wat neerkomt op 41 miljoen cross-border aankopen. Daarmee is online kopen over de grens voor veel huishoudens eerder regel dan uitzondering. Opvallend is dat vooral Chinese platforms terrein winnen. In 2024 waren Chinese webshops goed voor 28% van alle cross-border aankopen, met 11,5 miljoen bestellingen en een omzet van €434 miljoen. Dat aandeel groeit al enkele jaren, mede door scherpe prijzen en agressieve marketing.

Lokale ondernemers merken veranderend koopgedrag

Ondernemers in het Gooi zien dat consumenten prijsgevoeliger zijn geworden. Zeker bij kleding, elektronica en woonaccessoires kiezen inwoners sneller voor buitenlandse platforms die scherp concurreren op prijs en assortiment. Dat drukt de marges van fysieke winkels en Nederlandse webshops.

De cijfers onderstrepen die trend. In 2024 gaven Nederlandse consumenten €4,4 miljard uit bij buitenlandse webshops, goed voor 12% van alle online bestedingen en een stijging van 12% ten opzichte van 2023. Dat is geld dat niet via Nederlandse bedrijven loopt en dus ook minder bijdraagt aan lokale werkgelegenheid en belastingopbrengsten.

Voor een regio als het Gooi, waar veel zelfstandige winkeliers actief zijn, kan zo’n verschuiving relatief hard aankomen. Minder omzet betekent minder ruimte om personeel aan te nemen of te investeren in vernieuwing. Bovendien verschuift het economische zwaartepunt steeds verder naar internationale spelers zonder fysieke aanwezigheid in de regio.

Wat betekent dit voor het Gooi?

Voor gemeenten in het Gooi heeft deze verschuiving meerdere gevolgen. Minder bestedingen bij lokale winkels kunnen op termijn leiden tot leegstand in winkelstraten. Dat raakt niet alleen ondernemers, maar ook de leefbaarheid van dorps- en stadscentra.

Daarnaast speelt het fiscale aspect. Buitenlandse webshops dragen niet altijd op dezelfde manier bij aan de Nederlandse belastingbasis als binnenlandse bedrijven. Hoewel btw-regels de afgelopen jaren zijn aangescherpt, blijft een deel van de waardecreatie buiten de regio en soms buiten Nederland.

Tegelijkertijd verandert de rol van de lokale winkel. Ondernemers zetten sterker in op beleving, persoonlijk advies en service. Daarmee onderscheiden zij zich van anonieme platforms. Voor inwoners van het Gooi ligt hier ook een keuze: gemak en prijs aan de andere kant van de wereld, of investeren in een vitale lokale economie.

De trend richting buitenlandse online bestedingen lijkt voorlopig niet te verdwijnen. De vraag is vooral hoe het Gooi zich daaraan aanpast. De toekomst van de winkelstraten hangt niet alleen af van wereldwijde platforms, maar ook van het koopgedrag van de eigen inwoners.